Nieuwsbrief

Op de hoogte blijven van leuke acties, nieuwe artikelen en aanbiedingen van Jonge Gezinnen? Meld je aan voor de nieuwsbrief!

VoordeelPas

Wil je korting op o.a. dagjes uit, (kinder)kleding of vakanties? Vraag dan voor maar € 12,50 de Jonge Gezinnen VoordeelPas aan.

Zwanger Box

Weer zwanger? Vraag dan nu de gratis Felicitas Zwanger Box aan.
Delen via

Slaaptips voor een goede nachtrust

Slaaptips voor een goede nachtrust
Wat als je kind niet wil slapen? Of niet naar bed durft? Of gewoon niet kán slapen? Hopelijk slaapt je kind met deze tips als een roos, want hij heeft slaap nodig om te groeien.

Overdag

  • Houd zowel overdag als ’s nachts dezelfde aanpak aan. Stel duidelijke eisen aan het gedrag van je kind: beloon positief gedrag, negeer en bestraf eventueel ongewenst gedrag, breng een duidelijke dagindeling en ritme aan.
  • Stuur je kind liever niet vroeger naar bed als straf. Kinderen overdag naar hun kamer sturen kun je beter helemaal niet doen. Het risico bestaat namelijk dat je kind zijn kamer, en daarin slapen, vervelend gaat vinden.
  • Reserveer de slaapkamer liever alleen voor het slapen als je kind echt chronische slaapproblemen heeft. Een slaapkamer waar niet in gespeeld wordt, of andere dingen worden gedaan, zet je kind dan ook echt aan om te gaan slapen.
  • Beloon je kind als hij heeft doorgeslapen.
  • Kies ’s avonds voor lichte maaltijden en geef je kind geen chips, cola of zoetigheid voor het slapengaan.

Vlak voor het naar bed gaan

  • Laat je kind zo’n twintig minuten ontspannen voor hij naar bed gaat. Stimuleer hem om rustig te spelen of een boekje te lezen. Spannende films op tv en drukke spelletjes op de computer, zijn niet echt bevorderlijk voor een goede nachtrust. De beelden en indrukken van net vóór het slapen gaan, moeten namelijk in bed nog verwerkt worden.
  • Vertel op tijd wanneer hij moet gaan slapen en blijf daarbij.
  • Vertel rustig maar stellig dat hij ‘nu’ moet gaan slapen.
  • Geef nooit de indruk dat je als ouder opziet tegen het ‘slaapdrama’.

Rituelen

  • Maak van het slapengaan een dagelijks ritueel met een vaste volgorde van dezelfde gebeurtenissen, zoals: in bad gaan, tandenpoetsen en een verhaaltje (voor)lezen.
  • Een ouder kind vraagt soms of hij zelf nog wat mag lezen. Spreek dan af dat je na een kwartier of halfuur nog even welterusten komt zeggen. Op de afgesproken tijd is het feest dan ook echt over.
  • Laat hem kamillethee of warme melk drinken vóór het slapengaan.
  • Vermijd lange slaaprituelen waar geen einde aan lijkt te komen, want zo geef je hem de kans de boel steeds verder te rekken.

Slaapomgeving

  • Zorg dat de slaapkamer niet te licht, te warm of te koud is. 18 graden is prima.
  • Kleed de slaapkamer leuk aan en zorg voor een behaaglijk bedje. Op die manier wordt de slaapkamer een prettige plek waar je kind zich veilig voelt.
  • Laat de deur van de slaapkamer op een kier of laat een lampje in de slaapkamer of in de gang branden om de angst voor het donker te verminderen.

’s Nachts

  • Ga niet naar je kind toe als je boos bent, want dan treed je misschien te hard op.
  • Laat je kind niet bij je in bed slapen. Het wordt al snel een gewoonte en het kost meestal veel moeite je kind weer in zijn eigen bed te krijgen.
  • Als je kind echt bang is om te gaan slapen, kun je afspreken dat je elk kwartier even langskomt. Tijdens deze bezoekjes hou je het kort en moedig je je kind aan weer alleen verder te slapen.
  • Geef je kind liever ’s nachts geen drinken als troost en blijf er niet naast zitten tot je kind opnieuw inslaapt. Dat worden al snel gewoonten waar je kind dan ook weer moeilijk van af kan wijken.

Als niets lijkt te helpen

Bijna elk kind heeft wel eens een poosje slaapproblemen. Houden die problemen langere tijd aan, dan kan het bijhouden van een slaapdagboek helpen om een goed zicht te krijgen op het slaapgedrag van je kind (en jouw reactie daarop).

Noteer een aantal dagen achter elkaar hoe laat je kind naar bed gaat, hoe laat hij inslaapt, of hij ’s nachts wakker wordt, of hij doorslaapt of niet, wat je er aan gedaan hebt en eventuele bijzondere gebeurtenissen van overdag. Maak je je nog steeds zorgen? Maak dan een afspraak met de huisarts, en neem het slaapdagboek mee.

Vermoedt de huisarts een medische oorzaak, dan kan in uitzonderlijke gevallen een slaaponderzoek zinvol zijn. Je kind slaapt dan één of twee nachten in een slaapcentrum. Met sensoren op zijn hoofd en lichaam worden de hele nacht oogbeweging, hersenactiviteit, hartritme, bewegingen van de borstkas en de buik en het zuurstofgehalte in het bloed geregistreerd.

Als de huisarts aan onderliggende psychische problemen denkt, dan kan hij je kind doorverwijzen naar bijvoorbeeld een psychotherapeut of kinderpsycholoog.






Jonge Gezinnen Facebook pagina