Bijna elk kind heeft wel eens een poosje slaapproblemen. Houden die problemen langere tijd aan, dan kan het bijhouden van een slaapdagboek helpen om een goed zicht te krijgen op het slaapgedrag van je kind (en jouw reactie daarop).
Noteer een aantal dagen achter elkaar hoe laat je kind naar bed gaat, hoe laat hij inslaapt, of hij ’s nachts wakker wordt, of hij doorslaapt of niet, wat je er aan gedaan hebt en eventuele bijzondere gebeurtenissen van overdag. Maak je je nog steeds zorgen? Maak dan een afspraak met de huisarts, en neem het slaapdagboek mee.
Vermoedt de huisarts een medische oorzaak, dan kan in uitzonderlijke gevallen een slaaponderzoek zinvol zijn. Je kind slaapt dan één of twee nachten in een slaapcentrum. Met sensoren op zijn hoofd en lichaam worden de hele nacht oogbeweging, hersenactiviteit, hartritme, bewegingen van de borstkas en de buik en het zuurstofgehalte in het bloed geregistreerd.
Als de huisarts aan onderliggende psychische problemen denkt, dan kan hij je kind doorverwijzen naar bijvoorbeeld een psychotherapeut of kinderpsycholoog.