Dit lijkt keihard, maar hierover is wel degelijk pedagogisch nagedacht. Je confronteert je kind op deze manier met de gevolgen van zijn (ongewenste) daden. Daar kun je al heel jong mee beginnen. Bijvoorbeeld: laat je peuter zelf een doekje halen als hij iets heeft omgegooid. Of laat hem de toren van zijn broertje herbouwen als hij die (expres) heeft omgeschopt. Een straf moet juist heel direct zijn, het moet verband houden met hetgeen dat misgaat.
Als je kind of jij driftig wordt, is het goed hem even apart te zetten. Even afkoelen allebei. Stuur hem niet naar bed, anders wordt gaan slapen een soort straf, zet hem niet in een donkere ruimte en doe nooit de deur op slot! Een paar minuten op een stoeltje in de hoek of op z’n hoogst op de gang, en jullie kunnen er allebei weer tegen. En vooral niet vergeten: daarna weer vriendjes worden.